Van Yantai naar Rongcheng

Posted on Friday 09 March 2007 at 09:29 am in category: Whatever
In the past week 6 people read this, in the past month 26 people read this. Used tags:

Veel mensen denken dat je een hoop meemaakt als je veel reist, maar over het algemeen moet ik ze teleurstellen. Meestal komt het neer op vliegen, werken, slapen in een hotel en weer vliegen. Maar zo heel af en toe gebeurt er weleens iets dat de moeite van het vertellen waard is. Met het gevaar dat het vervelend en langdradig wordt, zal ik deze keer eens niet een lang verhaal kort maken. Zo af en toe zal ik er een fotootje tussen zetten, het oog wil tenslotte ook wat.

Het begon allemaal woensdag ochtend rond een uur of half vijf 's ochtends (lokale tijd hoor je er dan bij te zeggen) in Cuyahoga Falls, Ohio. Vanwege een sneeuwstorm die in Nederland het verkeer voor drie dagen lam zou leggen, extra vroeg van huis vertrokken om een reisje te maken naar Rongcheng, China, waar mijn aanwezigheid gewenst was. Met enige vertraging, vanwege omstandigheden die door onderstaand fotootje duidelijk worden geillustreerd, aangekomen in Newark, New Jersey, waar vandaan een directe vlucht naar Beijing (of Peking, zo u wilt) beschikbaar is.

Vanaf Beijing moet je dan een binnenlandse vlucht nemen naar de uiteindelijke bestemming. Deze binnenlandse vluchten worden voor het gemak door ons Chinese kantoor geregeld. Door een speling van het lot, of eigenlijk een administratieve dwaling, kwam ik achtentwintig uur nadat ik de deur thuis achter me had dichtgetrokken echter niet in Rongcheng aan, maar in Yantai. Geen man overboord, ik werd met open armen ontvangen, en morgenochtend zou ik naar Rongcheng worden gebracht, wat slechts een autoritje van een uur of twee is vanaf Yantai. De nacht kon ik doorbrengen in het Jin Hai Hotel.

De volgende dag eerst maar naar het kantoor in Yantai gegaan, en na een paar kopjes koffie werd een taxi naar Rongcheng geregeld. De taxi-chauffeur werd uitvoerig ondervraagd, en hij verzekerde dat hij de weg naar Rongcheng op zijn duimpje kende.

Na het instappen werd echter niet meteen de oprit naar de snelweg genomen, maar eerst even door de buitenwijken van Yantai gereden, en na een minuutje of tien stopte de chauffeur voor een huisje, waaruit na wat toeteren een man te voorschijn kwam, die zijn broer bleek te zijn (althans, dat dacht ik op te maken uit de gebaren). De chauffeur had zijn dag er blijkbaar op zitten, en werd vervangen door zijn broer, die ik voor het gemak Hoe Lang zal noemen. Hoe Lang openbaarde zich als een voorzichtige chauffeur, wat ik wel kon waarderen, gezien de gevaren waarin je je in het Chinese verkeer begeeft.

Toen hij bij het oprijden van de snelweg niet precies wist hoe het allemaal werkte met het tolkaartje, had er bij mij natuurlijk een lampje moeten gaan branden, maar wie ben ik om een Chinese chauffeur uit te leggen dat je je raampje open moet draaien, en dan het tolkaartje aan moet pakken. Hoe dan ook, al snel waren Hoe Lang en ik op weg in de goede richting. Het beloofde een langzaam ritje te worden, want de snelheidsmeter in de Volkswagen Santana (kent u 'm nog?) werkte niet, en Hoe Lang was geenszins van plan om in de auto van zijn broer een boete voor overschrijding van de maximumsnelheid te krijgen. Natuurlijk verstond Hoe Lang geen woord Engels, dus uitleggen dat hij wel erg langzaam reed was onbegonnen werk. Maar ik vermaakte me prima, dus ik klaagde ook niet.

Na een tijdje begon het me echter op te vallen dat Hoe Lang bij iedere afslag nog iets langzamer ging rijden, en een beetje voor zich uit mompelde. Langzaam vormden zich ook enkele zweet druppeltjes op zijn voorhoofd, en Hoe Lang keek precies zo rond als ik. Alsof hij het allemaal voor het eerst zag dus. Na een uurtje werd de auto stilgezet op de vluchtstrook, en zette Hoe Lang een hulplijn in via zijn mobieltje. Het telefoongesprek duurde nét iets te lang, en het werd wel duidelijk (zelfs met mijn beperkte kennis van het Chinees), dat Hoe Lang niet wist waar we precies waren, en de persoon aan de andere kant van de lijn (zijn broer waarschijnlijk) evenmin. Ik probeerde nog duidelijk te maken dat we in ieder geval op de goede weg waren, maar nadat Hoe Lang had opgehangen nam hij zeer zelfverzekerd níet de eerste afslag, maar tufte rustig door in de richting van Rushan. Dit keer wist ik zeker dat we fout zaten, want als je van Yantai naar Rongcheng wilt, moet je natuurlijk de afslag Wendeng nemen, dat weet iedereen. En als je bordjes ziet met 'Rushan, 2 km', dan heb je die dus gemist.

Na nog een keer stoppen om te bellen waren Hoe Lang's belminuten op, dus ik besloot maar eens een poging te wagen om Hoe Lang om een kaart te vragen. Na een tijdje gebaren, viste hij ergens uit een verborgen vakje een oud beduimeld kaartje van de provincie Shandong op. U zult begrijpen dat de moed mij in de schoenen zonk toen ik Hoe Lang uit moest leggen dat hij de kaart op zijn kop hield. Lastig natuurlijk, die Westerse letters op de kaart.

Op mijn aanwijzingen nam Hoe Lang op de weg terug echter dit keer wél de afslag Wendeng. In zijn enthousiasme stuurde hij ook prompt nog een keer naar rechts, zodat we in het centrum van Wendeng terecht kwamen, en het centrum van Wendeng, dat is precies waar je niet wilt wezen als je geen idee hebt welke kant je uit moet. Na een uurtje spoorzoeken gooide Hoe Lang alle trots overboord, en vroeg hij aan een andere taxi chauffeur de weg naar Rongcheng. Toen de vriendelijke collega uitgelachen was, legde hij duidelijk uit waar we heen moesten. Zelfs ik begreep het, met mijn beperkte kennis van de Chinese taal. Bij de eerste kruising negeerde Hoe Lang de uitleg volkomen, en ik hield mijn mond maar, omdat ik natuurlijk ook niet zeker wist of ik alles goed had begrepen. Na nog een half uurtje wees Hoe Lang opeens triomfantelijk op een bordje met de tekst: 'Roncheng, 30 km', en hij zei iets wat waarschijnlijk 'zie je wel, ik wist dat het hier was' betekende.

Uiteraard was de pret nog niet voorbij, want vlak voor Roncheng werden we aangehouden door de politie, die begon met het inspecteren van de achterbak, waar mijn koffer in lag. Na uitgebreid in al mijn spulletjes geneusd te hebben, waarbij vooral de laptop aan een nauwkeurig onderzoek werd onderworpen, wilde Bromsnor nog even Hoe Lang's taxi-licentie zien, die natuurlijk op naam van zijn broer stond. Dit leverde, tegen de verwachting in, slechts een vertraging van 20 minuutjes op, zodat ik na vier-en-een-half uur in een zeer onconfortabele taxi gezeten te hebben, door een breed glimlachende Hoe Lang werd afgezet bij het Chenshan Hotel.

Ik hoop dat u nu een beetje een idee hebt hoe mijn laatste twee dagen zijn verlopen, ik ga maar eens een warm bad nemen en een paar uurtjes slapen.

Somewhat related